En tóch wordt de Grote Groene Sahel een succes

In juni 2017 schreven wij over ambitieuze Afrikaanse plannen om een groene muur te bouwen, dwars door de Sahel. Zie ons bericht ‘Groene Muur stopt groeiende woestijn in Afrika’. Hoewel gestart in 2007 en met vijftien procent van de bomen in 2017 al geplant, stond de Great Green Wall anderhalf jaar geleden nog steeds in de startblokken.

Niet minder dan honderd miljoen hectare aan bomen en struikgewas zou door de aanleg van de bomen worden gered van de droogte. De Grote Groene Muur moest vijftien kilometer breed worden, achtduizend kilometer lang en zich uitstrekken van Senegal in het westen tot Djibouti in het verre oosten. Door de vergroening zou landbouw weer op gang komen, voedsel worden verbouwd voor 20 miljoen mensen, 350 duizend banen gecreëerd en voor 2030 meer dan 250 miljoen ton CO2 worden geabsorbeerd. Zoals wel vaker bij grote operaties, las je er vervolgens weinig meer over. Zelfs de website van het project lijkt al meer dan een half jaar niet bijgewerkt.

Gelukkig is er MO*, een toonaangevend Nederlandstalige magazine over alles wat met ontwikkeling te maken heeft. En MO* sprak met Chris Reij, ‘Sustainable Land Management specialist’ bij het World Resources Institute in Washington. Reij werkt al veertig jaar in Afrika en is, zoals zoveel Europeanen met een lange staat van dienst in ontwikkelingslanden, redelijk sceptisch.

Toen hij enkele jaren geleden van de Grote Groene Muur hoorde, was hij onomwonden kritisch. ‘Op de eerste plaats omdat het planten van bomen in de (héle, red.) Sahel technisch zo goed als onmogelijk is. We spreken over een gebied met 400 millimeter neerslag, of zelfs minder. Hoe droger, hoe moeilijker het uiteraard is om bomen te planten. Daarbij komen nog de regio-specifieke problemen van politieke instabiliteit en terreur.’ Het plan voor één grote groene gordel was simpelweg té ambitieus, gezien de barre omstandigheden in het gebied.

Inmiddels, zo schrijft MO* is Reij een heel stuk optimistischer, want het plan voor een groene gordel is op pragmatische gronden bijgesteld. Ja, feitelijk is er van één gordel geen sprake meer. ‘In plaats van een  muur van bomen wordt er nu veel meer gewerkt aan een mozaïek van verschillende projecten. Het gaat nu meer over de integratie van aanplantingen met projecten voor natuurlijke regeneratie, waterreservoirs die geïnstalleerd worden voor vee en kleinschalige irrigatie.’ En dit werkt wel. Want deze projecten ontstonden vaak op initiatief van lokale boeren die zélf bomen planten of láten groeien, al was het maar om er brandhout uit te kunnen oogsten.

Daarmee worden, onder meer in het zuiden van Niger, zulke spectaculaire successen geboekt ‘dat je er steil van achterover valt’, zegt Reij. ‘In de afgelopen dertig jaar zijn er daar vijf miljoen hectare vergroend. Waar er vroeger twee of drie bomen per hectare stonden in dat gebied, staan er nu tot honderd bomen per hectare.’ Vergelijkbare resultaten zie je in Mali (op een half miljoen hectare) en, weliswaar buiten de Sahel, ook in Malawi (op een miljoen hectare).

En nu is Reij dus een stuk minder pessimistisch dan toen hij in 1978 in de Sahel ging werken. ‘Er was een enorme droogte, en niemand had een idee wat we konden doen tegen de degradatie van landbouwgronden. Er werden zaken geprobeerd die mislukten. Louter de aanplant van bomen is een fiasco geweest. Nu weten we precies wat we moeten doen. En hóe we het moeten doen. De resultaten staan er: de lokale boeren hebben grond zo hard als een bureaublad terug vruchtbaar gemaakt. Dat is pure winst.’

Lees hier, op de site van MO* het hele interview met Chris Reij.

 

Terug naar de vorige pagina

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten