Zo helpt een buskaartje tegen de armoede in Bangladesh

Migranten in Bangladesh stappen in de bus. Foto: Poverty-Action

Migranten in Bangladesh stappen in de bus. Foto: Poverty-Action

Bangladesh exporteert niet alleen schoenen en garnalen, maar ook succesvolle remedies tegen armoede. Eind jaren 1970 kwam in dit land microfinanciering tot bloei, een aanpak die kleine leningen verstrekt aan – vooral – vrouwen. De nieuwste armoedemaatregel uit Bangladesh richt zich op mannen: ze moedigt hen aan om te verhuizen naar de stad, in plaats van te proberen meer geld te verdienen in hun dorp. En met succes, zo blijkt uit een studie van de Yale Universiteit.

In Rangpur, een noordelijk district, lijden landbouwarbeiders elk najaar honger. De rijst staat op de akkers, maar is nog niet klaar om te oogsten. Het werk is schaars. Er zijn veel banen in de steden, maar arme boeren durven hun slinkende spaargeld niet verspillen aan een buskaartje.

Retourkaartje

Een groep onderzoekers, onder leiding van de Yale Universiteit, begon tien jaar geleden met experimenten om deze armoedeval te doorbreken. Ze boden arme huishoudens geld om iemand naar de stad te laten verhuizen. Aan de laatste grote studie deden 133 dorpen mee. In een aantal dorpen kregen arme gezinnen een lening van ongeveer 12 euro, genoeg voor een retourkaartje met de bus. Een aantal andere dorpen diende als controlegroep: hier gebeurde niets.

Het onderzoek liet er geen twijfel over bestaan: geld stimuleert beweging. In dorpen waar niets gebeurde, stuurde 34 procent van de arme gezinnen een migrant naar een stad tijdens hongermaanden. In dorpen waar tien procent van de arme gezinnen een lening kreeg aangeboden, steeg dat tot 59 procent. Het effect werd nog groter wanneer maar liefst de helft van alle arme gezinnen in het dorp kon profiteren van een lening. In deze dorpen stuurde 74 procent van de gezinnen een migrant naar de stad. Blijkbaar is er een sneeuwbaleffect: als er veel buren migreren, stappen anderen over hun aarzeling heen.

Bouwvakker

In de stad vinden mannen  werk als riksja-chauffeur, bouwvakker of bewaker. Hun achterblijvende gezinsleven gaven 30 tot 35 procent meer geld uit aan voedsel en levensonderhoud, en aten 550 tot 700 calorieën extra per persoon per dag. “We kunnen nu twee keer per dag eten in plaats van één keer”, zegt Meena in een filmpje over het experiment op Yale Insights. Haar echtgenoot verhuisde naar de havenstad Chittagong, waar hij nu als bouwvakker werkt.

Maar ook gezinnen zonder migrant profiteerden: met zoveel mannen in de stad daalt het aanbod van arbeidskrachten in het dorp. Doordoor gaan de lonen omhoog, en stijgt ook in het inkomen van de andere gezinnen met zo’n 10 procent. Bovendien hielden de effecten aan: de jaar erna stuurden deelnemende dorpen nog steeds veel migranten naar de stad – ook als ze geen lening meer kregen.

Onderzoekers proberen nu om het project uit te breiden in Bangladesh zelf, en in andere landen met een ‘mager’ landbouwseizoen en voldoende vraag naar arbeiders in de grote steden. Daartoe werken ze samen met Evidence Action, een organisatie die is gespecialiseerd in het opschalen van ontwikkelingsprojecten. In Bangladesh zelf moeten de komende jaren 1,8 miljoen mensen van het project profiteren. Daarna volgen landen als Indonesië, Nepal en China.

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

Spring naar de toolbar